Bij een omgevingsscan combineren we bureauonderzoek met veldonderzoek. We kijken dus niet alleen naar data, kaarten en beleid, maar ook naar wat er in de praktijk speelt.
Bureauonderzoek
In het bureauonderzoek verzamelen en analyseren we beschikbare informatie over het gebied. Denk aan gemeentelijke data, beleidsdocumenten, kaartlagen en openbare bronnen.
We kijken bijvoorbeeld naar:
- demografie en bevolkingssamenstelling;
- sociaaleconomische kenmerken;
- historische ontwikkeling van de wijk;
- gemeentelijk beleid en projectuitgangspunten;
- klimaatadaptatie, water, groen en hittestress;
- mobiliteit, parkeren en bereikbaarheid;
- eerdere projecten of signalen uit de omgeving;
- functies in het gebied, zoals scholen, zorg, winkels of maatschappelijke voorzieningen.
Deze informatie helpt om de wijk niet als abstract projectgebied te bekijken, maar als leefomgeving met eigen kenmerken.
Veldonderzoek
Daarna toetsen we het beeld in de praktijk. We bezoeken het projectgebied en spreken met mensen die de omgeving goed kennen.
Dat kunnen bijvoorbeeld zijn:
- wijkmanagers;
- beheerders van groen, wegen, spelen, riolering of openbare ruimte;
- communicatie- en participatieadviseurs;
- beleidsadviseurs;
- projectleiders;
- vertegenwoordigers van scholen, ondernemers of maatschappelijke organisaties;
- andere stakeholders die belangrijk zijn voor het project.
Juist deze gesprekken zijn waardevol. Een kaart laat niet zien hoe druk het is bij een schoolplein om half negen. Een beleidsdocument vertelt niet altijd hoe bewoners naar de gemeente kijken. En een ontwerp laat niet vanzelf zien welke route een mindervalide bezoeker nodig heeft om een dokterspost veilig te bereiken.